Na dagen van verwijten sluit Europa de gelederen over de crisis in Ceuta

Het duurde enkele dagen van openlijke verwijten, diplomatieke boosheid en beschuldigingen over en weer, maar na een spoedvergadering van de Europese asielministers lijken de gemoederen rond de grenscrisis in Ceuta enigszins te bedaren. De toon is merkbaar veranderd: waar EU-lidstaten Spanje vorige week nog openlijk aanvielen, klonk er vandaag lof voor de manier waarop Madrid de situatie wist te beheersen.

Eurocommissaris voor migratie Magnus Brunner trok na afloop van het online overleg een voorzichtig positieve conclusie. Niemand heeft het Europese vasteland weten te bereiken, benadrukte hij, en de veiligheid aan de buitengrens werd snel hersteld. “De afgelopen dagen waren een test voor de Europese veerkracht en een test voor de veiligheid van onze buitengrenzen”, aldus Brunner. Een test waar Europa, in zijn woorden, voor is geslaagd.

Dat oordeel verdient enige nuancering. Ruim 72.000 mensen staken in korte tijd de grens over van Marokko naar de Spaanse enclave Ceuta — een ongekend aantal in zo’n korte tijdspanne. Inmiddels zijn er volgens het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken zo’n 70.000 van hen teruggekeerd naar Marokko. Bij de oversteek kwamen 75 mensen om het leven, van wie velen zijn verdronken. Dat zijn feiten die moeilijk te rijmen zijn met een onverdeeld succesverhaal.

De beelden van de massale grensoverschrijding leidden vorige week tot felle reacties van meerdere Europese regeringen. Italië, Denemarken en Finland pleitten er openlijk voor Spanje tijdelijk uit het Schengengebied te weren — het vrije reisgebied waarbinnen grenscontroles zijn afgeschaft. De Spaanse premier Pedro Sanchez reageerde woedend. In zijn ogen baseerden deze landen zich op “vooroordelen, fake news en politieke belangen”, terwijl hij juist solidariteit had verwacht van zijn Europese partners. In een brief aan Commissievoorzitter Ursula von der Leyen klaagde Spanje formeel over het gebrek aan steun.

Het beeld dat ontstond was dat van een verdeeld Europa, op precies het moment dat de buitengrens onder maximale druk stond. Dat is een kwetsbaarheid die de EU zich politiek moeilijk kan veroorloven, zeker in een klimaat waarin migratie hoog op de nationale agenda’s staat en eurosceptische partijen gretig gebruik maken van elk teken van onenigheid in Brussel.

Vandaag betuigden alle lidstaten hun solidariteit met Spanje. Zelfs Italië, dat het land de afgelopen dagen consequent had aangevallen, sprak waardering uit voor het Spaanse optreden. Of die solidariteit oprecht is of vooral diplomatieke beleefdheid na een verhit conflict, valt moeilijk te zeggen. Wat vaststaat, is dat de ministers hebben afgesproken dat de communicatie bij een volgende crisis beter moet. Betere afstemming moet voorkomen dat reacties zo sterk uiteenlopen en dat de EU zich laat uiteenspelen.

De Nederlandse asielminister Bart van den Brink (CDA), die deelnam aan het overleg, beaamde dat de situatie uitzonderlijk was. “Dit was een ongekende situatie”, zei hij. Over de vraag of achtergebleven migranten de kans hebben gekregen asiel aan te vragen, kon hij geen duidelijkheid geven — Spanje heeft dat in de vergadering niet nader toegelicht. Asielaanvragen van Marokkaanse onderdanen worden doorgaans afgewezen, omdat de EU Marokko als een veilig land beschouwt.

Brunner erkende dat de beelden in Ceuta een eigen dynamiek creëerden die los staat van de feitelijke migratiecijfers. “Europa heeft in decennia niet zoveel grip gehad op illegale migratie”, zei hij, verwijzend naar de dalende aantallen asielaanvragen in de EU. “Maar de gebeurtenissen in Ceuta laten duidelijk zien dat dramatische beelden vaak meer zeggen dan de beste statistieken.” Het is een eerlijke observatie: beleid wordt niet alleen beoordeeld op basis van data, maar ook op basis van wat mensen zien.

Na afloop van het spoedberaad bleven er substantiële vragen onbeantwoord. Hoe is het mogelijk dat zowel de Spaanse als de Marokkaanse inlichtingendiensten de oproepen op sociale media — die al dagen circuleerden — niet tijdig hebben opgepikt? Welke rol speelden mensensmokkelaars en gerichte desinformatie bij de beslissing van tienduizenden mensen om de tocht naar Ceuta te wagen? Die vragen vergen nader onderzoek, en de antwoorden zullen bepalen of Europa daadwerkelijk lessen trekt uit deze crisis of slechts de schijn van eenheid herstelt.

Voor nu lijken de Europese gelederen gesloten. Maar de onderliggende spanningen — over migratiebeleid, over de verdeling van verantwoordelijkheden aan de buitengrenzen, en over de vraag hoeveel solidariteit lidstaten van elkaar mogen verwachten — zijn met één spoedvergadering niet opgelost.