Camerabrillen en privacy: filmen zonder toestemming is verboden, maar handhaving blijft lastig

De opmars van de camerabril verloopt snel. Meta verkocht in 2025 naar eigen zeggen bijna zeven miljoen exemplaren, in samenwerking met brillenmerken als Oakley en Ray-Ban. Ter vergelijking: tussen 2023 en 2024 gingen er ongeveer twee miljoen over de toonbank. Ook Google en Apple kondigden aan de markt te willen betreden. De goedkoopste Meta-bril kost 309 euro, maar online zijn camerabrillen van minder bekende merken al voor een paar tientjes te vinden.

De brillen doen meer dan alleen filmen. Gebruikers kunnen er ook mee bellen, muziek mee luisteren, navigeren en vertalen. De camera is ingebouwd in het montuur en op afstand nauwelijks herkenbaar. Meta stuurt de bril aan via spraakopdrachten. Dat de technologie snel volwassen wordt, is duidelijk — maar de juridische en maatschappelijke vragen die daarmee samenhangen, blijven vooralsnog onbeantwoord.

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) besloot deze week publiekelijk te waarschuwen. Wie mensen filmt zonder hun toestemming, overtreedt de privacywetgeving — ook als het gaat om toevallige voorbijgangers op straat. Volgens de toezichthouder moeten mensen “vrij over straat kunnen gaan zonder bang te hoeven zijn dat iemand hen ongemerkt filmt en de beelden vervolgens deelt of op internet zet.”

De AP wijst daarbij op de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Frederike Zuiderveen Borgesius, hoogleraar ict en recht aan de Radboud Universiteit, legt uit waarom die verordening hier van toepassing is. Zodra mensen herkenbaar in beeld komen, is er sprake van het verzamelen van persoonsgegevens. De AVG verplicht degene die dat doet om anderen duidelijk te informeren over wat er verzameld wordt en waarvoor.

Het lampje dat Meta op de bril heeft aangebracht om aan te geven dat er een opname gemaakt wordt, is volgens Zuiderveen Borgesius onvoldoende. Het is niet duidelijk genoeg zichtbaar, en bovendien kan het worden gemanipuleerd. De AVG kent weliswaar een uitzondering voor persoonlijk of huishoudelijk gebruik, maar die biedt hier weinig soelaas: de beelden die via de brillen worden verzameld, worden ook gedeeld met de bedrijven achter de technologie. “Dan is het argument over puur huishoudelijk gebruik niet heel sterk meer,” aldus de hoogleraar.

Voor wie toch wil filmen met een camerabril, ziet Zuiderveen Borgesius juridisch maar één uitweg: expliciete toestemming van iedereen die in beeld komt. In de praktijk is dat vrijwel onuitvoerbaar op straat of in openbare ruimtes. De European Data Protection Board, het samenwerkingsverband van Europese privacytoezichthouders, werkt momenteel aan een richtlijn over hoe de AVG op camerabrillen toegepast moet worden.

De AP maakt zich ook zorgen over een ander aspect: de beelden die gebruikers maken, worden ingezet om AI-modellen te trainen. Dat roept volgens de toezichthouder nieuwe privacyvragen op, die nog niet afdoende zijn beantwoord. Een woordvoerder van de AP benadrukt dat de organisatie niet tegen de technologie als zodanig is, maar ziet de toepassing ervan als consumentenproduct als problematisch. “Er komen steeds meer verborgen systemen in draagbare apparaten. Die worden steeds kleiner en steeds sluwer.”

Juridisch gezien is er geen verschil tussen filmen met een camerabril en filmen met een telefoon. Toch wijst Zuiderveen Borgesius op een wezenlijk praktisch onderscheid: wie gefilmd wordt door iemand met een smartphone, kan dat doorgaans nog waarnemen. Bij een camerabril is dat vrijwel onmogelijk. Sociale normen rondom filmen in het openbaar verschuiven weliswaar geleidelijk — sommige nachtclubs plakken camera’s van bezoekers al af — maar van een breed gedeeld bewustzijn is nog geen sprake.

De AP adviseert ondernemers om het dragen en gebruiken van camerabrillen op te nemen in hun huisregels. Poppodium TivoliVredenburg deed dat al een jaar geleden. Voor gevoelige locaties zoals ziekenhuizen, rechtbanken en religieuze gebouwen acht de toezichthouder extra waakzaamheid geboden. Sommige organisaties gaan verder: zowel de Consumentenbond als digitale burgerrechtenorganisatie Bits of Freedom pleiten voor een algeheel verbod op de huidige Meta-brillen, omdat zij betwijfelen of het product überhaupt aan de geldende wetgeving kan voldoen.