In één week tijd werden brandweerkazernes in Maassluis, Aalsmeer en Ten Boer doelwit van criminelen. Ze stalen gespecialiseerd reddingsgereedschap — materiaal dat brandweerlieden nodig hebben om mensen uit verongelukte auto’s te bevrijden. Het zijn geen incidenten meer: er is sprake van een duidelijke trend.
Hoe groot is de stijging?
De cijfers liegen er niet om. In heel 2024 werden 17 inbraken of pogingen tot inbraak in kazernes geregistreerd. In 2025 lag dat aantal op 18. Dit jaar zijn er al vijftig gevallen geteld — en het jaar is nog niet voorbij.
Die explosieve toename heeft de politie, de brandweer en het Openbaar Ministerie ertoe bewogen om landelijk samen te werken. Jos van der Stap van de Nationale Politie laat weinig ruimte voor onduidelijkheid: “Het is linksom of rechtsom, dit gaan we stoppen. Wij zetten als politie hier prioriteit op.”
Waarom stelen criminelen brandweergereedschap?
De plotselinge interesse van criminelen heeft een logische verklaring. Specialistisch reddingsgereedschap blijkt een gewild product op de zwarte markt — niet alleen in Nederland, maar ook ver daarbuiten.
“We zien bij ervaren criminelen de belangstelling voor deze spullen toenemen”, zegt Van der Stap. “Ze gebruiken het voor inbraken bij juweliers, maar ook in het buitenland om geldautomaten open te maken. We treffen dit materiaal op verschillende plekken in Europa aan.”
Het gaat dus niet om opportunistische diefstal. De daders weten wat ze zoeken en kennen de waarde ervan.
Wat is de impact op de brandweer?
Steven van der Looij van Brandweer Nederland omschrijft de sfeer bij zijn collega’s als een mix van onbegrip, woede en angst. Brandweerlieden staan dag en nacht klaar om mensenlevens te redden. Dat criminelen juist dát materiaal stelen, komt hard aan.
Daarbij blijft het niet bij kazernes op afgelegen locaties. Ook drukke stadskazernes, waar altijd personeel aanwezig is, worden getroffen. “De collega’s die ’s nachts in zo’n kazerne verblijven vinden het heel vreselijk dat er iemand in het gebouw aanwezig is”, aldus Van der Looij.
Waarom is betere beveiliging zo lastig?
Een voor de hand liggende reactie is: sluit het materiaal beter op. Maar dat botst direct met de manier waarop de brandweer werkt.
“Alle spullen op een brandweerauto liggen klaar — iedere seconde telt”, legt Van der Looij uit. “We zijn er heel erg op ingericht om alles heel snel te kunnen pakken. Ieder extra slot dat we erop doen, moeten we er ook weer afhalen.”
Extra sloten betekenen extra handelingen, en extra handelingen kosten tijd. In een noodsituatie kan dat het verschil maken tussen leven en dood.
Welke maatregelen worden er toch genomen?
Toch wordt er actief nagedacht over oplossingen. Van der Stap bevestigt dat bij een aantal kazernes beveiligingscamera’s worden geïnstalleerd en dat gewone ruiten worden vervangen door spiegelruiten. Over verdere maatregelen wil hij niets zeggen — vermoedelijk om te voorkomen dat criminelen daar hun werkwijze op aanpassen.
De kern van het dilemma blijft overeind: elke beveiligingsmaatregel die inbrekers buiten houdt, vertraagt ook de brandweer zelf. Hoe dat evenwicht gevonden wordt, is vooralsnog de centrale vraag waar alle betrokken partijen een antwoord op zoeken.

