Morgan Stanley: desinflatie zet door, maar renterisico’s blijven tot 2027

Morgan Stanley bevestigt zijn visie dat de Amerikaanse inflatie de komende periode verder zal afkoelen, maar benadrukt tegelijkertijd dat de risico’s voor het rentepad richting 2027 overwegend opwaarts blijven. De meest recente inflatiecijfers uit de Verenigde Staten ondersteunen volgens de bank het beeld van voortgaande desinflatie, zonder dat daarmee alle onzekerheid rond het monetaire beleid van de Federal Reserve is verdwenen.

De kern van de analyse is dat de inflatiedruk geleidelijk afneemt, waardoor de Fed uiteindelijk meer ruimte zou moeten krijgen om de rente te verlagen. Dat proces verloopt volgens Morgan Stanley echter waarschijnlijk niet in een rechte lijn. De centrale bank zal vooral willen zien dat de daling van de inflatie duurzaam is voordat zij haar beleid verder versoepelt.

Daarmee blijven de risico’s nadrukkelijk tweezijdig. Aan de ene kant kan de inflatie sneller terugvallen dan momenteel wordt verwacht. In dat scenario zou de Federal Reserve mogelijk eerder dan voorzien moeten reageren en zou een verdere versoepeling van het monetaire beleid al vóór 2027 aan de orde kunnen zijn.

Aan de andere kant bestaat het risico dat de recente verbetering slechts tijdelijk is. Wanneer prijsdruk opnieuw toeneemt, bijvoorbeeld door hardnekkige diensteninflatie, sterke consumentenbestedingen of nieuwe kostenstijgingen voor bedrijven, kan de Fed gedwongen worden opnieuw een restrictievere koers te varen. Morgan Stanley sluit in zo’n scenario aanvullende renteverhogingen van in totaal 50 tot 75 basispunten niet uit.

Dat maakt de komende inflatiecijfers en arbeidsmarktdata bijzonder belangrijk. Iedere aanwijzing dat de prijsdruk opnieuw structureel toeneemt, kan de verwachtingen voor toekomstige renteverlagingen snel naar achteren verschuiven. Omgekeerd kunnen zwakkere inflatie- en groeicijfers de Fed juist meer vertrouwen geven om sneller te versoepelen.

Morgan Stanley’s basisscenario blijft uiteindelijk dat de Amerikaanse rente op langere termijn neerwaarts beweegt. Dat vooruitzicht moet echter niet worden geïnterpreteerd als een garantie op snelle of opeenvolgende renteverlagingen. De richting lijkt volgens de bank duidelijker dan het tempo.

Voor beleggers betekent dit dat de aandacht waarschijnlijk niet alleen zal uitgaan naar de vraag óf de rente daalt, maar vooral naar wanneer en hoe snel dat gebeurt. Juist die onzekerheid kan de komende maanden voor aanzienlijke bewegingen zorgen op de obligatie-, aandelen- en valutamarkten.

Morgan Stanley schetst daarmee geen uitgesproken optimistisch scenario, maar eerder een zorgvuldig afgewogen vooruitzicht: de desinflatie zet door en de rente beweegt uiteindelijk waarschijnlijk lager, terwijl het pad daar naartoe grillig kan blijven en een nieuwe verkrappingsronde nog niet volledig van tafel is.