Tara Singh Varma (78) overleden: pionier in de Tweede Kamer met een bewogen en omstreden politieke carrière

Een politieke loopbaan vol hoogtepunten en schandalen

Tara Singh Varma, de eerste vrouw met een migratieachtergrond in de Nederlandse Tweede Kamer, is op 78-jarige leeftijd overleden. Dat maakte haar voormalige partij, tegenwoordig Progressief Nederland, bekend via Bluesky. Over de doodsoorzaak werd niets meegedeeld.

Singh Varma werd geboren in 1948 in het voormalige Brits-Guyana. Ze was van Surinaams-Hindostaanse afkomst en bouwde in Nederland een politieke carrière op die zowel historische betekenis had als herhaaldelijk in opspraak raakte.

Beginjaren in de Amsterdamse politiek

In 1982 zette ze haar eerste stappen in de politiek als burgerraadslid namens de Communistische Partij Nederland in Amsterdam. Later werd ze gekozen als gemeenteraadslid voor Links Akkoord, een samenwerkingsverband dat uiteindelijk opging in GroenLinks. Als raadslid zette ze zich in voor daklozen, mensen zonder verblijfsvergunning en sekswerkers.

Midden jaren tachtig raakte Singh Varma voor het eerst in opspraak. Als penningmeester van het Grenada Komitee werd ze verantwoordelijk gehouden voor een kastekort van 12.000 gulden. Het gat werd mede dankzij partijgenoten gedicht.

Nadat ze in mei 1994 als Kamerlid aantrad — als eerste vrouw met een migratieachtergrond ooit in de Tweede Kamer — kwamen er nieuwe beschuldigingen aan het licht. Diverse media berichtten dat ze haar voorganger bij het Grenada Komitee had beschuldigd van verduistering. GroenLinks stelde een onderzoek in. Dat onderzoek wees uit dat Singh Varma zelf bonnetjes had vervalst en geld had verduisterd, al werd zelfverrijking niet bewezen. Ze bood haar excuses aan en mocht bij de partij blijven.

Functioneren als Kamerlid

Binnen de Tweede Kamer maakte Singh Varma geen sterke indruk op haar collega’s. Ze zou zich slecht inlezen en zelden in het Kamergebouw verschijnen. Een kandidatencommissie constateerde in 1998 dat het helder overbrengen van partijstandpunten in debatten niet haar sterkste kant was.

Toch vergaarde ze bekendheid als lid van de parlementaire enquêtecommissie naar de Bijlmerramp. Die commissie onderzocht de toedracht en nasleep van de vliegramp waarbij in oktober 1992 een El Al-vrachtvliegtuig inreed op de Amsterdamse flats Groeneveen en Klein-Kruitberg. Bij die ramp kwamen 39 mensen om het leven.

Na de ramp ontwikkelden bewoners een reeks onverklaarbare klachten: chronische luchtweginfecties, maag- en darmklachten en impotentie. Een directe relatie met de ramp kon niet worden aangetoond, tot grote teleurstelling van Singh Varma. De commissie richtte haar kritiek uiteindelijk op ambtenaren die de verantwoordelijke minister onvoldoende hadden geïnformeerd.

Het vertrek uit de Kamer

In de zomer van 2000 kondigde Singh Varma aan dat ze zou aftreden. Ze vertelde haar collega’s dat ze ongeneeslijk ziek was en binnenkort zou overlijden. Na een emotionele speech van de toenmalige Kamervoorzitter werd ze in een rolstoel het parlement uitgereden. Ze verklaarde in de media dat ze euthanasie overwoog. Als eerbetoon werd een tweejaarlijkse prijs voor migrantenwerk naar haar vernoemd.

Kort na haar vertrek bleek echter dat het verhaal niet klopte. In een uitzending van het TROS-programma Opgelicht vertelden bekenden van Singh Varma dat ze helemaal niet terminaal ziek was. GroenLinks-fractieleider Paul Rosenmöller bevestigde het nieuws en stelde dat Singh Varma geestelijk ziek was.

Singh Varma probeerde aanvankelijk de TROS aan te klagen, maar erkende later dat ze in een „schijnwereld” had geleefd en „gewoon gestoord” was geweest.

Kritiek op GroenLinks

In 2001 uitte voormalig partijbestuurder Mariano Slutzky in de Groene Amsterdammer kritiek op de manier waarop GroenLinks met de affaire was omgegaan. Volgens hem gaf de partij leden met een migratieachtergrond een voorkeursbehandeling en stelde ze minder kritische vragen over misstanden in hun verleden.

Na haar politieke loopbaan was Singh Varma onder meer actief als schrijver en werkte ze in een broodjeszaak. Ze overleed op 78-jarige leeftijd, als een figuur die de Nederlandse parlementaire geschiedenis op een unieke en tegenstrijdige manier heeft getekend.