Drie jaar na 7 oktober: Amsterdamse synagoge herdenkt aanslag met persoonlijke getuigenissen

Drie jaar na de terroristische aanval van Hamas op Israël kwamen woensdagavond ongeveer tweehonderd mensen samen in de Amsterdamse modern-orthodoxe synagoge Amos, in het Buitenveldert. De bijeenkomst, georganiseerd door het Centraal Joods Overleg (CJO) en de Israëlische ambassade, stond in het teken van persoonlijke getuigenissen en stille herinnering aan de slachtoffers van 7 oktober 2023.

Het meest indringende moment van de avond was de toespraak van Batia Holin, een Israëlische die op 7 oktober 2023 in kibboets Kfar Aza woonde, vlak bij de grens met Gaza. Toen die ochtend de aanval begon, vluchtte ze naar een veilige kamer in haar woning, waar ze urenlang bleef zonder eten, drinken of enige informatie over wat er buiten gebeurde. Dat ze de aanval overleefde, schrijft ze toe aan puur geluk. “Sommigen hadden dat geluk niet”, zei Holin voor het aanwezige publiek. Achter haar hingen een Nederlandse en een Israëlische vlag, en op het podium stond een boeket witte rozen.

Onder de aanwezigen bevonden zich minister van Defensie Dilan Yesilgöz (VVD), minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA), minister van Onderwijs Rianne Letschert (D66) en Tweede Kamerleden Caroline van der Plas (BBB), Martin Bosma (PVV) en Mona Keijzer. Minister-president Rob Jetten was niet aanwezig, anders dan zijn voorganger Dick Schoof, die vorig jaar wel bij de herdenking aanwezig was.

Op 7 oktober 2023 om 06.29 uur lokale tijd begon de aanval van Hamas op Israëlisch grondgebied. Daarbij werden 1.200 Israëliërs gedood en 251 mensen gegijzeld, in kibboetsen, steden en op het muziekfestival Supernova. Het was de grootste massamoord op Joden sinds de Holocaust en leidde tot een oorlog in Gaza die tot op de dag van vandaag voortduurt.

Dave Heilbron, bestuurder van het CJO, refereerde in zijn toespraak aan de woorden die zijn grootvader hem vroeger meegaf: “Koffertje klaar.” Een uitdrukking die uitdrukking geeft aan het gevoel van permanente kwetsbaarheid dat veel Joden kennen. Heilbron beschreef 7 oktober als “een horror van ongekende proporties, die nog altijd tot trauma leidt.” Tegelijkertijd benadrukte hij dat de herinnering aan de slachtoffers niet tot angst maar tot kracht moet leiden, en niet tot terugtrekking maar tot zichtbaar Joods leven. In aanwezigheid van de politici richtte Heilbron zich ook kritisch tot bestuurders en organisaties in het publieke debat die hij “ruggengraatloos en kwaadgezind” noemde jegens de Joodse gemeenschap, en stelde hij vraagtekens bij het gebruik van het woord ‘genocide’ in de publieke discussie over Israël.

Dafna Danenberg, hoofd publieksdiplomatie bij de Israëlische ambassade en een van de organisatoren, onderstreepte waarom herdenken drie jaar later nog steeds noodzakelijk is. “De Joodse gemeenschap is nog steeds in rouw: 7 oktober leeft nog steeds, we moeten nog elke dag herstellen van de terreur”, aldus Danenberg. De herdenking heeft volgens haar een dubbel doel: mensen herinneren aan wat er die dag is gebeurd, én duidelijk maken hoe de oorlog in Gaza is begonnen.

De keuze voor de Amos-synagoge, groter dan de Raw Aron Schuster Synagoge waar de twee vorige herdenkingen plaatsvonden, was praktisch van aard. De extra ruimte bood plaats aan een fototentoonstelling van Holin, getiteld Dream Fracture, waarin zij vanuit persoonlijk perspectief de gebeurtenissen en de nasleep van 7 oktober vastlegde. De tentoonstelling illustreert volgens de Israëlische ambassadeur Zvi Aviner Vapni dat er zowel een leven vóór als na die dag bestaat. Hij sprak van een “collectief trauma” dat bijna alle aspecten van de Israëlische samenleving raakt. Persoonlijke verhalen als die van Holin “breken zijn hart”, maar inspireren hem ook, omdat ze ruimte bieden voor nadenken over de toekomst. Zijn slotwoord was echter nuchter: “De wond is nog niet geheeld.”

Naast de Amsterdamse bijeenkomst vond er ook een herdenking plaats bij het Vredespaleis in Den Haag, georganiseerd door de Raad van Kerken. Daar kwamen joden, christenen en moslims gezamenlijk bijeen onder de vraag: ‘Hoe komen we samen verder?’ Veel officiële nationale herdenkingen in Israël zelf hadden al op maandag plaatsgevonden, omdat de Hebreeuwse kalenderdag die overeenkomt met 7 oktober dit jaar op 5 oktober viel.