Belastingdienst hield miljoenen bestanden verborgen voor enquêtecommissie Toeslagenschandaal

De Belastingdienst heeft tijdens de parlementaire enquête naar het Toeslagenschandaal ruim 19,6 miljoen documenten achtergehouden in een afgeschermde digitale omgeving, de zogenoemde datakluis. Dat blijkt uit een onderzoeksrapport van advieskantoor BDO, dat in juli met de Tweede Kamer werd gedeeld. Interne verzoeken om die informatie alsnog te leveren aan de enquêtecommissie werden genegeerd. Of er sprake was van opzet, is vooralsnog onduidelijk.

De ontdekking heeft onrust veroorzaakt in de Tweede Kamer. Meerdere fracties hebben kritische vragen gesteld. De verantwoordelijke staatssecretarissen Sandra Palmen (Toeslagen, partijloos) en Eelco Eerenberg (Financiën, D66) streven ernaar vóór de eerste ministerraad van het nieuwe parlementaire jaar — aankomende vrijdag — met antwoorden te komen, aldus een woordvoerder van het ministerie van Financiën. Ook premier Rob Jetten (D66) zal reageren, al is volgens de Rijksvoorlichtingsdienst „nog niet zeker of dat deze week is of later”.

Een digitale kluis met miljoenen bestanden

Het ministerie maakte de vondst van de datakluis in april bekend. De afgesloten digitale omgeving zou in 2019 door de Belastingdienst zijn aangelegd om gevoelige informatie apart te zetten die niet voldeed aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Het ging onder meer om verouderde persoonsgegevens van burgers die nog gearchiveerd of vernietigd moesten worden.

BDO bevestigt in zijn rapport dat de kluis „functioneerde als een afgeschermde omgeving waarin toegang tot bepaalde gegevens werd beperkt”. Medewerkers konden informatie opvragen, maar deden dat in de praktijk alleen „in specifieke gevallen en op verzoek”.

Nadat de Tweede Kamer in 2021 besloot tot een parlementaire enquête naar de doorgeslagen fraudejacht van de Belastingdienst, rees intern „op meerdere momenten” de vraag of de informatie uit de kluis wel bij de enquête werd betrokken. Zo stelden medewerkers die vraag in een e-mail in juni 2022 en in een nota uit september van dat jaar. „In de beschikbare documentatie is niet aangetroffen dat deze vragen zijn beantwoord, noch dat zij hebben geleid tot een structurele aanpassing van de gehanteerde zoekstrategie,” aldus BDO.

Gevoelige dossiers over toeslagenfraudeurs

De achtergehouden informatie was voor de enquêtecommissie van evident belang. BDO trof in de kluis een map aan met de naam ‘Anti-Fraude Box’, met daarin 318 bestanden. Daarnaast bleek er informatie aanwezig over CAF-zaken — onderzoeken naar mogelijke toeslagenfraudeurs — over de omstreden FSV-lijst met vermeende fraudeurs, en over het risicoanalysemodel RAM.

Hoe het kon dat het ministerie van Financiën deze informatie, ondanks interne signalen, niet aan de commissie leverde, blijft vooralsnog onbeantwoord. BDO schrijft dat het proces voor het beantwoorden van informatievorderingen „centraal werd gecoördineerd binnen het ministerie en de Belastingdienst”. Het ministerie wil niet ingaan op vragen hierover.

Commissievoorzitter en oud-SP-Kamerlid Michiel van Nispen reageert scherp. „Dat vind ik natuurlijk ronduit ongelooflijk slecht”, zegt hij. Vanwege vakantie had hij zich nog niet verder in de kwestie verdiept.

Nog meer informatie buiten beeld

BDO stuitte ook op een tweede afgeschermde omgeving. Daags nadat het ministerie van Financiën in 2020 aangifte deed tegen de eigen Belastingdienst wegens mogelijke misdrijven tegen toeslagenouders, sloeg de dienst informatie op van ruim duizend medewerkers. Het ging om mailboxen, persoonlijke netwerkschijven en gedeelde computerschijven. Die informatie werd juist afgeschermd om te kunnen worden gebruikt in eventuele strafrechtelijke onderzoeken naar het Toeslagenschandaal.

Volgens BDO werden ook deze bestanden niet aan de enquêtecommissie geleverd, al valt niet uit te sluiten dat een deel van de informatie de commissie via een andere route bereikte.

Kamer pas laat ingelicht

Uit het rapport blijkt bovendien dat de datakluis niet toevallig bij „archiefwerkzaamheden” werd ontdekt, zoals de staatssecretarissen in april aan de Kamer schreven. Vanaf mei 2021 werd intern meermaals overlegd over wat te doen met de opgeslagen informatie. In 2024 volgde een interne presentatie over het onderwerp, en op meerdere momenten werden bestanden verwijderd.

In juli 2025 werd intern vastgesteld dat de kluis documenten bevatte die mogelijk binnen de reikwijdte van de parlementaire enquête vielen. De staatssecretarissen werden daar in augustus over geïnformeerd. In oktober wees intern onderzoek al uit dat inderdaad informatie ten onrechte niet aan de enquêtecommissie was geleverd.

„De Kamer moet geïnformeerd worden over dit proces. Hoe langer we hiermee wachten, hoe kwetsbaarder het wordt”, concludeerden betrokken ambtenaren begin november 2025, zo blijkt uit aantekeningen die BDO in zijn rapport citeert. Toch duurde het tot april dit jaar voordat de Tweede Kamer werd ingelicht. Het ministerie van Financiën gaat niet in op vragen hierover.

Externe commissie moet opheldering geven

Het kabinet stelt een externe commissie in van drie tot vijf leden om de kwestie verder te onderzoeken. Die commissie, die in oktober moet beginnen, onderzoekt welke informatie ten onrechte buiten de parlementaire enquête bleef. Voorzitter wordt oud-GroenLinks-Kamerlid Senna Maatoug, die destijds zelf lid was van de enquêtecommissie. Zij was vanwege vakantie niet beschikbaar voor vragen.

De vraag die overblijft, is politiek beladen: wie wist wanneer wat, en waarom werd de Kamer zo lang in het ongewisse gelaten? Die vraag zal de komende weken centraal staan in het debat.